Posts tonen met het label zielig. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zielig. Alle posts tonen

zondag 18 juli 2010

ai ai ai-phone

I can take picture with my new iphoney, zei ik gisteren, uiterst grappig, zo'n beetje om de minuut. En het mooiste was: het is geen phoney maar een heuse echte ip.hone.
Ik heb het namelijk gewoon gedaan. Ik ben de winkel ingelopen en stond even later met een witte ip.hone weer buiten. Omdat ik al een (zakelijk) abonnement had lopen bij tm.obile was het een kwestie van simkaart erin proppen, synchroniseren en hoplá.
Hij werkte! Ik verheugde me al op een avondje op de bank. Uitzoeken welke apps ik écht móet hebben, twitteren, surfen en alles wat mijn mooie aaiphone kan.
Maar.
Toen.
Vroeg it.unes of ik de nieuwste versie van de software voor ip.hone wilde installeren.
En ik klikte op ja.
En toen liep 'ie ergens halverwege vast.
En deed mijn ip.hone niets meer.
Zelfs de herstelmodus liep iedere keer vast.
En wat doe je dan, als kersverse ip.hone-eigenaar?
Dan bel je Henk. Henk van Novy.
Want die weet veel.
Gelukkig deed Novy's aaiphone het wel want ze waren niet thuis.
Henk had wel even tijd maar kon helaas geen uitkomst bieden.
Tot 23.00 uur zijn we bezig geweest met pogingen tot restoren.
Via allerei forums zochten we naar een oplossing.
Tot we het, bloedchagrijnig, maar opgaven.
Vanochtend proberen we het nog maar eens via de laptop van Joost.
Want ergens gisteren moest ik ook nog een nieuwe it.unes versie installeren.
En misschien, heel misschien, ging er daar al iets mis.
En anders heb ik geen aaiphone maar ook een ai-ai-aiphone.

maandag 17 mei 2010

Operatie geslaagd

We zijn weer thuis (sinds een uurtje). Alles is goed gegaan, alleen was het wakker worden uit de narcose heel naar. Voor Merel zelf en voor mij om naar te kijken. Het arme schaap stikte bekant in haar eigen bloed!

Maar nu zit ze lekker te spelen met haar nieuwe Playmobilcamper. Die heeft ze ook dik verdiend want ze is ontzettend dapper geweest. Heeft braaf gedronken ieder kwartier en later om het half uur. Dat heeft wel goed geholpen: ze heeft nu met drinken al geen pijn meer. Ze heeft net ook een Paula-toetje op en ook dat deed geen zeer. Ik ben zo trots op mijn meisje!

Ik ben kapot zeg, na zo'n lange dag en voorafgaand daaraan vier slapeloze nachten. En nu ben ik ook nog aan de racekak van de antibiotica. Life's good!

zondag 16 mei 2010

Mag ik passen?

Want dan pas ik.
Dan spoel ik door tot dinsdag.
Want ik heb de afgelopen dagen lopen verreken van de kiespijn.
Een wortelkanaalbehandeling gekregen van de plaatsvervangend tandarts.
's Avonds niet kunnen slapen van de pijn.
Gisteren dus weer naar Vianen alwaar de noodvulling samen met de nodige pus werd verwijderd.
En vandaag weer terug voor een nieuwe noodvulling.
Maar.
Ik verga nog steeds van de pijn.
Dus ik wil geen noodvulling.
Die kies moet er uit!
Want morgen moet Merel geopereerd worden aan haar amandelen.
En dan moet ik moeder zijn.
En moeders hebben geen tijd voor pijn.
Die moeten doorstomen.
Dus ik pas.
En spoel door naar dinsdag.
Goed?

Edit 19.20 uur:
De kies zit er nog. De ontsteking is helaas uitgebreid naar mijn kaak.
Wat de tandarts nog kon doen?
Er even flink in poeren met een vijl en de ontsteking dan uitknijpen als een puist.
Pijn! Pijn!
PIJN!
Nu zit ik aan de antibiotica en is mijn kies nog steeds open. Een noodvulling heeft namelijk geen zin als de ontsteking zo heftig.
Fijn hoor.
Héél fijn....

dinsdag 13 april 2010

Eruit!


Eruit moeten ze.
Die keelamandelen van mijn Mereltje.
Dat vond de KNO-arts vanmorgen.
Hij bevoelde het strotje en hoefde eigenlijk al niet eens meer te kijken.
Dat deed ie natuurlijk wel.
Waarop Merel prompt AAAAH begon te blaten.
Wat een welopgevoede dochter heb ik toch.
Dus. Krijgen we binnenkort een oproep.
En kregen we een pak papier mee.
Want waar je vroeger nog gewoon, onvoorbereid, húp naar het ziekenhuis ging, krijg je nu:
- een voorleesverhaal
- een handleiding voor je ouders
- een informatiemiddag waarop je naar het ziekenhuis mag om te kijken hoe het gaat daar op die enge kinderafdeling
- een speelzuster die je komt halen
- en zo kan ik nog wel even doorgaan

Ik ben er maar druk mee. Met het lezen van al die folders. En met het geruststellen van Merel. Die het nu al allemaal vreselijk indrukwekkend vindt. En ik met haar.
Ik hoop alleen allejezushard dat ze pas in mei aan de beurt is.
Tot 1 mei heb ik het harstikke gruwelijk druk.
Dus heb ik geen tijd voor een dag in het ziekenhuis en daarna een volle week thuis.
En voor iedereen over me heen valt: natuurlijk neem ik als ze toch in april in de beurt is vrij.
Want als mijn meisje me nodig heeft, kan de hele wereld doodvallen.
Maar duimt u even mee dat het mei wordt?

donderdag 25 februari 2010

Zes jaar geleden

Is het vandaag precies.
Dat ik om 8.45 uur een telefoontje kreeg van een onbekende man.
Die me vertelde dat manlief een ongeluk had gehad en dat hij beklemd zat in z’n auto. Omdat er een trekker overheen gereden was.
Mijn adem stokte.
Manlief was nog wel ‘bij’ en ik kreeg hem aan de lijn.
Veel zinnigs kwam er niet uit dus ik vroeg die onbekende meneer terug en die legde me uit waar het ongeluk gebeurd was.
Ik trok de toen tweejarige Anne haar laarsjes aan en dropte haar in razend tempo bij een buurvrouw.
En reed met kloppend hart naar de plek des onheils.
Daar aangekomen landde er net een traumahelikopter. Ook al zo’n adembenemend moment.
Ik dacht letterlijk: ‘daar gaat ie dan, straks ben ik weduwe.’
Met een peuter en een baby onderweg. Lekker dan.
De brandweer was druk doende manlief uit te zagen en ik stond anderhalf uur in de natte sneeuw te wachten tot ze zover waren.
Ik werd opgevangen door een aardige politieagent. Die af en toe ging kijken hoe het er mee stond.
Toen manlief eindelijk vrij was, werd in de ambulance nagekeken of hij stabiel was. Ik mocht voorin plaatsnemen en kiezen naar welk ziekenhuis ik wilde. Het UMC (Utrecht) of het ziekenhuis in Tiel.
‘Doe maar het UMC’, murmelde ik, denkend dat een groot ziekenhuis in ieder geval alle faciliteiten kon bieden. ‘Goede keus,’ vond de ambulancechauffeur.
De vriendelijke agent bood aan mijn auto voor me naar huis te brengen. Dankbaar gaf ik hem mijn sleutelbos. Waarop hij suggereerde dat ik alleen de autosleutel zou geven en de huissleutels zelf zou houden. Zodat ik ook nog naar binnen kon. Tja, logisch denken is op zo’n moment iets teveel van me gevraagd.
Onderweg naar het ziekenhuis belde ik mijn zwager om hem op te hoogte te brengen en te vragen of hij iedereen wilde bellen.
En belde de buurvrouw dat het nog wel even kon gaan duren, dat was gelukkig geen probleem.
In het UMC werd manlief naar het traumacentrum gebracht waar hij van boven tot onder onderzocht werd. Conclusie: een gebroken elleboog en een verbrijzeld linkerbovenbeen.
Hij zou dezelfde dag nog geopereerd worden.
Maar door een noodgeval ging het die woensdag niet door. Nadat manlief op zaal terecht was gekomen reed ik met mijn zwager naar huis om Anne op te halen. En wat spullen in een tas te flikkeren om bij mijn ouders te overnachten. Die wonen nl. vijf kilometer van het UMC vandaan.
De volgende dag werd manlief geopereerd. Waar de artsen nog een beste klus aan hadden. Ze moesten met zeven man aan zijn been gaan hangen om het enigszins even lang te krijgen als zijn rechterbeen. Het bot was in zeven grote en een heleboel kleine stukken gebroken. Met een pin van heup tot knie hebben ze de boel enigszins gerepareerd. Als in: we duwen alle stukken op z’n plek en hopen er het beste van.
De nacht na z’n operatie viel manliefs bloeddruk ineens weg. Hij voelde zich naar en drukte op de bel. ‘Zestig over veertig,’ prevelde de broeder, ‘u hoort niet eens meer bij bewustzijn te zijn!’ Maar manlief dacht:’Ik ga nu NIET dood. Ik heb een vrouw, een peuter en een babyontheway en ik ga vandaag NIET dood.’
En zo geschiedde. Zes jaar na dato leeft hij nog steeds met de vervelende gevolgen van dat ongeluk. Maar hij is er nog. En da’s wat telt.

dinsdag 15 december 2009

Pas op, niet lezen voor het ontbijt!

Na een ontspannende yogasessie kruip ik dankbaar in mijn bedje. Klaar voor een hele nacht heerlijk slapen.

Om 00.22 uur schiet ik overeind. Merel huilt. Ze heeft haar bed onder gespuugd. Als ik haar kamer binnensjees slaat de kotswalm me in het gezicht. Vlug sleur ik Merel uit de hoopslaper en verkas haar naar de badkamer alwaar ze de wasbak van een meurende bruinoranje laag voorziet.

Manlief haalt het bed af en ik neem Merels trillende, ineens weer heel kleine lijfje op schoot. Met een bibberend stemmetje vraagt ze of ze in ons bed mag komen slapen. Zucht. Daar ben ik niet zo'n fan van, van kinderen in mijn bed. Maar ik zie wel dat ze echt beroerd is en dan is het ook niet handig als je in een hoogslaper ligt dat zou nog wel eens een prachtig geval van projectile vomiting op kunnen leveren. Dus ik stem toe.

Als ik een half uur later net weer een beetje weggezakt ben, moet ze weer spugen. Omdat manlief het kleinste schoonmaakemmertje dat we hebben heeft gepakt in plaats van de grote afwasbak, kotst ze met een werkelijk prachtige boog over het emmertje heen mijn bed in. Voor de tweede keer gaan we eruit en dit keer verschoon ik het bed.

Tegen half vier lijkt het erop dat Merel uitgespuugd is en breng ik haar naar haar eigen bed. Met een fleecedeken als hoeslaken en haar dekbed zonder hoes valt ze dankbaar in slaap. En ik vlij me onder mijn dekbed. Hopend op nog een uurtje of drieënhalf slaap.

Dat kan ik mooi vergeten. Tegen zessen schiet manlief kreunend overeind. Gelukkig haalt hij wel het toilet maar hij is zo beroerd dat hij er bijna afdondert. Ik breng op zijn verzoek glaasjes water en rennies naar hem toe. En ga dan weer in bed liggen wachten tot het zeven uur is.

Om 07.00 uur zou ik het liefst het dekbed over me heen trekken en blijven liggen. Maar Anne moet naar school dus ik zal toch op moeten staan. Manlief blijft nog even liggen. De kotslucht hangt door het hele huis en vlug laad ik de tweede wasmachine met kotsgoed.

Na de luizenschrik van maandag draait het ding overuren. Zouden er ook draaideurwasmachines bestaan? Hóp erin en hóp eruit? Ik houd me aanbevolen!

maandag 5 oktober 2009

Kwakkelen

Merel is aan het kwakkelen. Al twee maanden.
Op vakantie in Frankrijk begon ze te hoesten. En ze hoest nog.
Twee maanden en twee antibioticakuren verder hoest ze nog steeds.
Knapt iedere keer wat op, gaat een paar dagen naar school en hopla: ze zit weer thuis.
Tijd voor actie, vindt ook de huisarts.
En dus moet er vanmiddag bloed geprikt worden en een longfoto gemaakt worden.
Natuurlijk kan Joost dat ook prima met haar doen maar hier wil mama natuurlijk zelf bij zijn, dat snapt u. En dus ben ik vandaag vrij.
Ik zou wat kunnen lezen maar het boeit me niet. Ik zou wat kunnen werken maar het boeit me niet. Ik zou wat broeken voor Merel kunnen gaan naaien maar het boeit me niet. Was het maar vast 14.00 uur. Of nee, doe maar half drie, dan zijn we er van af!

Edit dinsdag: Het prikken an sich viel mee. De aftermath niet. Eenmaal in de auto kreeg ze een enorm nare (stress?)reactie. Alle kleur trok uit haar weg en ze werd heel slap en sloom. Ik schrok me het ongans! Gelukkig zat ik naast haar achterin de auto en kon ze nog vertellen hoe ze heette en dat ze vijf jaar is. Pas na een half uurtje ofzo kreeg ze weer spatjes. Vandaag zouden we de uitslag krijgen maar die bleek er vanmorgen nog niet te zijn. We hopen dus maar op morgen!

woensdag 20 mei 2009

OempaLoempa

Zag ik er een paar dagen geleden nog uit als een OempaLoempa, vandaag loop ik als een OempaLoempa. 'Wat heb ik nu aan mijn broek hangen?,' zult u denken. Geloof me, dat vraag ik me ook af.

Aan het eind van de dag krijg ik last van mijn polsen en knieën. Ik besteed er niet veel aandacht aan maar het wordt steeds erger. Het voelt of iemand ze bewerkt heeft met een ijzeren pijp. Joost zoekt op internet en leest dat het een onderdeel van allergie voor de ibuprofen kan zijn. Ben ik lekker mee. Eerst jeuk en pijn all-over en nu dit!

Tegen negenen weet ik van de pijn niet meer hoe ik moet gaan zitten. Dus ga ik maar naar bed. Misschien dat liggen minder pijnlijk is. Onderaan de trap vraag ik me serieus af hoe ik godsnaam boven moet komen. Met mijn boek in mijn handen gaat het in ieder geval niet. Ik leg het op de trap en schuifel als een hond de trap op.

Zonder boek verveel ik me al snel en besluit te gaan slapen, als ik slaap voel ik immers niks. Maar slapen lukt niet. En het gaat steeds zeerder doen. Joost stelt voor een pijnstiller te nemen. Maar daar is al deze ellende mee begonnen dus dat durf ik niet. Tegen drieën vraag ik huilend of hij de huisartsenpost wil bellen. Ik houd het echt niet meer uit.

De huisartsenpost bevestigt Joost' zelfgestelde diagnose. De symptomen komen overeen met een allergie voor medicijnen. Ze adviseren om 2 paracetamol te nemen. Als de pijn niet vermindert, mag daar nog een diclofenac bij. En als zelfs dat niet helpt of als ik nog meer klachten krijg moeten we terugbellen.

Joost pakt de paracetamol en water. En gaat dan beneden een rietje halen want ik weet bij god niet hoe ik overeind moeten komen om te drinken. Elke beweging dreunt genadeloos door in mijn knieën en polsen. Na een tijdje beginnen de pijnstillers te werken en val ik in een onrustige slaap.

En nu lig ik hier. Met inmiddels een 2e dosis paracetamol is de pijn nu dragelijk. En kan ik, heel voorzichtig en met twee vingers, dit logje voor u schrijven. Ik ben benieuwd wat deze allergie nog meer voor me in petto heeft. En hoeveel van jullie je medelijden laten blijken in een fijne reactie.

maandag 18 mei 2009

Daar ben ik weer

Ik ben weer boven water. Een beetje wiebelig op de beentjes maar toch werk ik een paar uurtjes. Anders komt er niets binnen hè, als zzp-er. En dat mag natuurlijk niet te lang duren.

De griep is dus ver over. Ik heb wel een ander probleem. Een of andere allergische reactie. Waarschijnlijk op de vele ibuprofennetjes die ik de afgelopen dagen tot me nam. U had me gisteren moeten zien u had zich doodgelachen. Het begon met rode vlekken toen ik wakker werd. Tegen de middag was ik rood all-over. Of eigenlijk roodbruin. Ik zag er uit als ontplofte pot zelfbruiner. Of een OempaLoempa, zoals manlief heel erg grappig opmerkte. En jeuken, jeuken! En nog wat later steken, steken! Niet leuk meer. Als ik er niet zo grappig uitzag, had ik er vast om moeten huilen.

Vandaag ben ik verworden tot een bruin/rozig varkentje. Met jeuk. En koelzalf. Want die heeft Joost (op zondag!) nog voor me geregeld. Koelzalf die een soort poederfilm op de huid achterlaat. En nu mag u raden welke godvergeten kutkleur die zalf heeft. Blijkbaar nemen ze in de farmaceutische industrie graag clowns aan.

vrijdag 15 mei 2009

Griepzooi

Tja, en nu ben ik dus ziek. Niet heel erg ziek hoor. Niet zo ziek dat u zich zorgen moet gaan maken. Maar wel ziek genoeg voor een sickday. En zo lig ik dus op bed. Met tv, dvdspeler en laptop met internet is dat niet eens zo'n straf. Zeker met manlief thuis die me van koffie, fruit en koekjes kan voorzien. Wat een uitvinding, intercom op de telefoon! Anders zou ik iedere keer naar beneden moeten schreeuwen.

Als mannen ziek zijn, zijn ze ook gelijk heel zielig. Ze zijn een beetje verkouden en denken gelijk dat ze dood gaan. Vrouwen niet. Ik ben dus ook niet zielig. Ik ben stoer. Echt niet, ik voel me helemaal niet lekker. Ben dus heel zielig. Snuf snuf.

Een paar uur later verveel ik me te pletter. Duizend logjes gelezen, nu.nl achterklap van voor tot achter uitgeplozen en nu weet ik niets meer te doen. Daytimetelevision is ook niet meer wat het geweest is. Van ellende kijk ik naar een aflevering van 'Murder, she wrote.' Hoe diep kan een mens zinken?

Als ik ziek ben, krijg ik altijd ontzettend zin in aktie. Wil ik ramen soppen, onkruid wieden. Mijn kledingkast uitruimen. Of die speeltent voor de meiden naaien waarvan de stof al 14 maanden in de kast ligt. Al die dingen die ik normaal gesproken maanden voor me uitschuif, moeten nu, ik zeg NU, gedaan worden. Zou de griep soms ook je hersens aantasten?